Kijk eens naar deze brug. En stel je eens voor dat je elkaar dan alleen in het midden kunt ontmoeten. En dat deze brug jouw gedrag in relaties vertegenwoordigd. Ben je dan iemand die altijd maar voorbij het midden rent? Altijd meer doet dan goed voor je is om die ander te ontmoeten? Ben je iemand die geneigd is om je op het vlak van de ander te begeven om diegene maar te kunnen begrijpen zodat jij je veilig kunt voelen? En wordt je daar enorm moe van?
Of ben je iemand die de ander altijd te dichtbij laat komen? Geef jij altijd pas je grenzen aan als die ander daar allang overheen is gegaan? Vind je het moeilijk en eng om zelf op het midden van die brug te gaan staan? En laat je die ruimte daardoor liever aan een ander, die dan vervolgens veel te dichtbij komt? Jouw ruimte inneemt terwijl je daar helemaal niet om gevraagd hebt?
Ik deed in verschillende situaties alletwee. En ik denk dat de meeste mesnen dat doen. Waar mijn angst om alleen te zijn ervoor zorgde dat ik steeds voorbij het midden rende op zoek naar verbinding gaf ik met hoe invulling te geven aan de vorm van samenzijn de controle steeds volledig over aan de ander.
Beide werkten niet. Want mij wij ging niet over samen zijn met de ander. Mijn wij ging over het toelaten van dat wat ik mezelf had geleerd om te ontwijken.Omdat het ooit veiliger was om het niet te zijn. Dat deel dat me vertelt dat ik leef omdat je ooit dood was. Dat dood zijn dus ook een vorm van leven is en ik dus oneindig ben. En dat er dus geen verschil meer zit tussen jou en mij. Omdat we beide alletwee dood waren en we ooit niets meer waren dan energie.
En dat is waar het ook bij jou over gaat. Het is het wij van dat wat je weg hebt gestopt. Zo ver dat je misschien zelfs niet meer nieuwsgierig bent naar wat er meer is. Terwijl jouw dood ook altijd bij je is. Als iets wat op de achtergrond altijd om aandacht vraagt. Misschien ben je het als normaal gaan beschouwen dat je altijd verlangd naar meer. Misschien denk je dat het leven zo in elkaar zit. En dan ben ik er om je te vertellen dat dat niet je waarheid is. Dat ook jij je antwoorden te vinden hebt.
Die vorm van wij weer omarmen met het onderwerp dood is waar ook jouw bevrijding ligt. Waar je de vrijheid vind om jezelf te zijn en waar je ruimte vind om net zo makkelijk alleen te zijn als met iemand anders samen. Want waar we bang voor zijn heeft niets met de ander te maken. Waar we bang voor zijn is het deel van jezelf dat je ooit verlaten hebt. Waarvan je jezelf hebt verteld dat het niet veilig is. Omdat een ander je dat ooit heeft laten voelen.
Die vorm van wij terugvinden en ontdekken dat daar je grootste kracht en je plezier ligt is waar al je verlangens over gaan. Of ze nou gaan over samen zijn of over alleen zijn. Je verlangens vertellen je iets over wat je hart van je vraagt om te gaan onderzoeken. Om dat deel van jezelf terug te vinden dat je laat voelen dat je verbonden bent met alles en dat ook jij goddelijk bent.
